Poppen zijn al eeuwenlang veel meer dan kinderspeelgoed. Ze weerspiegelen maatschappelijke idealen, laten zien hoe men keek naar identiteit en mode, en vertellen veel over de materialen en technieken die in een bepaalde periode werden gebruikt. Dit Napolitaanse poppengezicht uit de 19e eeuw, vervaardigd van polychroom terracotta en voorzien van glazen ogen, geeft letterlijk een tastbaar gezicht aan die gelaagde geschiedenis.

Het gezichtje valt op door zijn delicate modellering en zeer realistische uitstraling. De subtiele kleurnuances in het terracotta en de heldere blik van de glazen ogen roepen direct vragen op…

Wie maakte dit object, en met welk doel? Was het onderdeel van een luxe pop, bedoeld voor een welgesteld huishouden, of maakte het deel uit van een groter ensemble met een zorgvuldig vervaardigd lichaam en kleding?

Juist deze open vragen maken een object zoals dit zo intrigerend!

In de 19e eeuw bestonden poppen in talloze vormen en kwaliteiten. Naast eenvoudig speelgoed waren er ook poppen met een uitgesproken representatieve functie. Ze konden dienen als pronkstukken, als miniatuur kunstwerken, of als objecten die een rol speelden binnen sociale tradities, feestdagen en familiegeschiedenissen. Vooral in centra als Napels stond men bekend om een verfijnde behandeling van materialen, waarbij terracotta en glas werden ingezet om een bijna levensechte expressie te bereiken.

Breder gezien vervulden poppen door de eeuwen heen uiteenlopende rollen. Ze waren gezelschap in de slaapkamer, hulpmiddelen om mode en nieuwe silhouetten te tonen, en vaste bewoners van rijk ingerichte poppenhuizen. Een mooi Nederlands voorbeeld daarvan is het beroemde zeventiende-eeuwse poppenhuis van Petronella Oortman, tegenwoordig te zien in het Rijksmuseum. Dit poppenhuis was nadrukkelijk geen speelgoed, maar een zorgvuldig samengesteld miniatuurinterieur dat rijkdom, smaak en orde moest uitdrukken. Alles, van het zilverwerk tot het linnengoed, werd met grote precisie vervaardigd. Wat het poppenhuis extra bijzonder maakt, is dat het geen vereenvoudigde nabootsingen zijn, maar objecten die volgens dezelfde technieken als hun ‘grote’ tegenhangers zijn gemaakt, alleen op kleinere schaal. Juist die trouw aan materiaal en maakproces geeft Oortmans poppenhuis zijn uitzonderlijke status.

Ieder detail (van de vorm van de mond tot de keuze van het materiaal) biedt een inkijkje in de tijd waarin het object werd gemaakt en in de wereld van de mensen die ermee leefden.

Dit poppengezicht is daarmee een sprekend voorbeeld van hoe kunst en ambacht samenkomen in een klein, maar toch ook veelzeggend object. Het maakt geschiedenis letterlijk driedimensionaal en laat zien hoe poppen fungeerden als dragers van allerlei functies.